cursus learn-it-yourself wildplukken het seizoen rond PLANTEN

Maart

  • Studiepaper 1: bloemtermen
  • Studiepaper 2: gele kornoelje (Cornus mas) & de overige kornoeljesoorten
  • Studiepaper 3: hazelaar (Corylus avellana) & boomhazelaar (Corylus colurna).
  • Studiepaper 4: speenkruid (Ficaria verna - syn. Ranunculus ficaria, Ranunculus verna).
  • Studiepaper 5: klein hoefblad (Tussilago farfara).
  • Studiepaper 6: berk - zachte berk (Betula pubescens) & ruwe berk (Betula pendula).
  • Studiepaper 7: heermoes (Equisetum arvense) en de dubbelganger lidrus (Equisetum palustre).
  • Studiepaper 8:  paarse dovenetel (Lamium purpureum). Wist je dat de paarse dovenetel 4 dubbelgangers heeft? Ook zij worden behandeld: ingesneden dovenetel (Lamium hybridum - syn. Lamium purpureum var. incisum), gevlekte dovenetel (Lamium maculatum), hoenderbeet (Lamium amplexicaule) en brede dovenetel (Lamium confertum).
  • Studiepaper 9: witte dovenetel (Lamium album)
  • Studiepaper 10: gele dovenetel (Lamiastrum galeobdolon).

 

April

  • Studiepaper 11: aronskelk - gevlekte aronskelk (Arum maculatum) & Italiaanse aronskelk (Arum italicum) en de verwisselingsmogelijkheid van de knollen en jonge bladscheuten van deze dodelijk gevaarlijke planten met wel eetbare planten.
  • Studiepaper 12: fluitenkruid (Anthriscus sylvestris) en de verwisselingsmogelijkheid met de dodelijk giftige planten dodemansvinger, gevlekte scheerling, dolle kervel, hondspeterselie. 
  • Studiepaper 13: kleefkruid (Galium aparine).
  • Studiepaper 14: hondsdraf (Glechoma hederacea).

 

Mei

  • Studiepaper 15: muizenoor (Pilosella officinarum - syn. Hieracium pilosella).
  • Studiepaper 16: oranje havikskruid (Pilosella aurantiaca - syn. Hieracium aurantiacum).
  • Studiepaper 17: stijf havikskruid (Hieracium laevigatum).
  • Studiepaper 18: bos havikskruid (Hieracium sabaudum).
  • Studiepaper 19: schermhavikskruid (Hieracium umbellatum).
  • Studiepaper 20: akkerdistel (Cirsium arvense).
  • Studiepaper 21: stinkende gouwe (Chelidonium majus).
  • Studiepaper 22: lisdodde - grote lisdodde (Typha latifolia) & kleine lisdodde (Typha angustifolia).

 

Juni

  • Studiepaper 23: zwarte mosterd (Brassica nigra).
  • Studiepaper 24: sareptamosterd (Brassica juncea).
  • Studiepaper 25: bosaardbei (Fragaria vesca)  en de dubbelgangers aardbeiganzerik (Potentilla sterilis) en schijnaardbei (Potentilla indica).
  • Studiepaper 26: echte kamille (Matricaria chamomilla) & schijfkamille (Matricaria discoidea). Wist je dat in onze natuur 4 planten groeien die ook de naam kamille dragen en waarvan enkelen bovendien sterk op echte kamille lijken, maar niet eetbaar zijn. Ook zij worden behandeld: reukeloze kamille (Tripleurospermum maritimum), gele kamille (Anthemis tinctoria), stinkende kamille (Anthemis cotula) en valse kamille (Anthemis arvensis). En dan is er nog moederkruid (Tanacetum parthenium). Moederkruid draagt weliswaar niet de naam kamille maar de bloemhoofdjes lijken sterk op echte kamille.
  • Studiepaper 27: Sint-Janskruid (Hypericum perforatum). Van het hertshooi geslacht (Hypericum) is vooral de enige echte Sint-Janskruid bekend, Maar wist je dat er van deze plant in onze natuur 8 broers/zussen groeien en dat ze sprekend op elkaar lijken! En een aantal van deze planten bevatten zelfs dezelfde rode kleurstof als Sint-Janskruid en hebben ook nog eens 'geperforeerde' bladeren. Hoe kun je al deze dubbelgangers van elkaar onderscheiden, zodat je zeker weet dat je de enige echte Sint-Janskruid oogst? Dit wordt tot in detail uitgelegd in deze studiepaper.
  • Studiepaper 28: rapunzelklokje (Campanula rapunculus).
  • Studiepaper 29: breed klokje (Campanula latifolia).

 

Juli

  • Studiepaper 30: kruiskruid- en jakobskruidsoorten. In deze studiepaper staan de 12 planten van het kruiskruid geslacht (Senecio) & Jakobskruid geslacht (Jacobaea) centraal. Zij bevatten allemaal dezelfde giftige plantenstof. De van deze planten algemeen voorkomend jakobskruiskruid – syn. Jacobskruiskruid (Jacobaea vulgaris subsp. vulgaris – syn. Senecio jacobaea) en klein kruiskruid (Senecio vulgaris) worden tot in detail behandeld. Zodat je ze nooit per ongeluk plukt. Verder is het belangrijk duinkruiskruid (Jacobaea vulgaris subsp. dunensis – syn. Senecio jacobaea subsp. dunensis) te leren herkennen omdat deze plant kan worden verwisseld met boerenwormkruid (Tanacetum vulgare).
  • Studiepaper 31: de 6 streepzaadsoorten (Crepis).
  • Studiepaper 32: de 3 in onze natuur groeiende klaproossoorten en daarnaast de slaapbol (Papaver somniferum). 
  • Studiepaper 33: bitterkruidsoorten - dubbelkelk (Picris echioides) & echt bitterkruid (Picris hieracioides). 

 

Augustus

  • Studiepaper 34: melkdistelsoorten  (Sonchus).
  • Studiepaper 35: gewone melkdistel (Sonchus oleraceus).
  • Studiepaper 36: wilde sla (Lactuca) - gifsla (Lactuca virosa) & kompassla (Lactuca serriola).
  • Studiepaper 37: distels (Carduus) & vederdistels (Cirsium).
  • Studiepaper 38: de 4 in onze natuur groeiende distelsoorten. 
  • Studiepaper 39: de 7 in onze natuur groeiende vederdistelsoorten.
  • Studiepaper 40: kale jonker (Cirsium palustre).
  • Studiepaper 41: hop (Humulus lupulus).

 

September

  • Studiepaper 42: de 7 toortssoorten (Verbascum).
  • Studiepaper 43: de 3 in onze natuur groeiende kaardenbolsoorten (Dipsacus). 
  • Studiepaper 44: berenklauw - gewone berenklauw (Heracleum sphondylium) & reuzenberenklauw (Heracleum mantegazzianum).
  • Studiepaper 45: de 4 in onze natuur groeiende teunisbloemsoorten (Oenothera).

 

Oktober

  • Studiepaper 46: sleedoorn (Prunus spinosa).
  • Studiepaper 47: knopkruid - kaal knopkruid (Galinsoga parviflora) & harig knopkruid (Galinsoga quadriradiata - syn. Galinsoga ciliata).
  • Studiepaper 48: winterpostelein - roze winterpostelein (Claytonia sibirica) & witte winterpostelein (Claytonia perfoliata).
  • Studiepaper 49: mispel (Mespilus germanica).